Wat gebeurt er als de duizenden ouders die vandaag onbetaald zorg opnemen plots zouden doen wat hen soms wordt aangeraden: meer gaan werken? Wie neemt dan de zorg voor hun kind met een handicap op zich? De realiteit is eenvoudig: zonder mantelzorgers zou ons zorgsysteem onbetaalbaar worden. Toch dreigt het nieuwe pensioenbeleid net die mensen te bestraffen die vandaag een groot deel van die zorg dragen.
Mantelzorg mag geen pensioenstraf worden
De recente uitspraken van minister Jan Jambon over vrouwen die zich “zullen aanpassen” aan nieuwe pensioenregels tarten alle verbeelding. Voor veel gezinnen waarin iemand met een verstandelijke handicap opgroeit of leeft, is die aanpassing namelijk al lang realiteit – en dat al jaren.
In gezinnen met een persoon met een handicap (pmh) is het in de praktijk nog steeds meestal de moeder die de grootste zorglast op zich neemt. Niet omdat dat vanzelfsprekend is, maar omdat het systeem vaak weinig andere keuze laat. Zorg voor een kind of volwassen persoon met een verstandelijke handicap is intensief, onvoorspelbaar en levenslang. Dat betekent afspraken met scholen, therapieën, medische opvolging, administratieve dossiers, crisisopvang en dagelijkse ondersteuning. Iemand moet dat doen.
Heel vaak is het de moeder die daarom minder gaat werken of deeltijds werkt. Niet uit vrije wil, maar omdat het anders simpelweg niet lukt om het gezin draaiende te houden.
Die keuze heeft grote gevolgen. Minder werken betekent minder loon, minder sociale bescherming en uiteindelijk ook een lager pensioen. Tegelijk is het net die inzet die ervoor zorgt dat de zorg voor hun kind of familielid mogelijk blijft. Zonder de onzichtbare inzet van duizenden ouders zou het zorgsysteem vastlopen.
De realiteit is dat die inspanning vandaag vaak een hoge persoonlijke prijs heeft. Minder werken betekent minder pensioenopbouw. Tegelijk proberen ouders het evenwicht te bewaren tussen zorg voor hun kind met een handicap en aandacht voor de andere kinderen in het gezin.
De voortdurende zorgdruk heeft bovendien impact op het sociale leven. Ouders van een persoon met een handicap hebben vaak minder tijd voor vrienden, ontspanning of maatschappelijke participatie. Persoonlijke relaties komen onder druk te staan. Onderzoek toont dat de kans op relatiebreuken in gezinnen met een intensieve zorgsituatie hoger ligt. Voor alleenstaande ouders – en ook daar zijn vrouwen oververtegenwoordigd – wordt de situatie nog kwetsbaarder.
Hoe moet een alleenstaande moeder die voor een kind met een handicap zorgt zich dan nog “aanpassen”? Door nóg meer te werken? En stel dat al die ouders die vandaag zorg opnemen precies dat zouden doen: meer gaan werken, zoals soms wordt voorgesteld.
Wie gaat dan die zorg verlenen?
Zorg is geen luxeproduct maar een basisrecht, net zoals onderwijs. Als gezinnen die zorg niet langer kunnen opnemen, zal iemand anders ze moeten organiseren. Dan rest er nog maar één mogelijkheid: betaalde zorg, georganiseerd en gefinancierd door de overheid.
De rekening daarvan zou enorm zijn. Het volledig vervangen van al die onbetaalde zorg door professionele zorg zou de overheid vele malen meer kosten dan een rechtvaardig pensioen voor mensen die mantelzorg opnemen. Het is net omdat zoveel gezinnen vandaag onbetaald zorg dragen dat onze zorg betaalbaar blijft.
Wie zorg verleent, verliest vandaag vaak een deel van zijn inkomen. Maar het is onaanvaardbaar dat die mensen daarbovenop ook nog eens minder pensioen krijgen. Mantelzorg is geen persoonlijke hobby of vrije keuze; het is een maatschappelijke bijdrage die het zorgsysteem mee overeind houdt.
Wanneer beleid stelt dat mensen zich maar moeten aanpassen, miskent het de realiteit van duizenden gezinnen. Zorg voor een persoon met een handicap is geen tijdelijke fase. Het is een levenslange verantwoordelijkheid.
Bij STAN Trefpunt Verstandelijke Handicap vertrekken we vanuit drie eenvoudige maar krachtige pijlers: ontspannen, inspannen en samenspannen. Die woorden vatten precies samen wat ouders van een persoon met een verstandelijke handicap dagelijks proberen waar te maken.
Als Trefpunt STAN en als samenleving mogen we niet aanvaarden dat net die mensen die het systeem mee overeind houden, daarvoor later de rekening gepresenteerd krijgen.
Mantelzorg mag geen pensioenstraf worden.
Bart Vertriest
Coördinator STAN en GiPSo