Het coronavirus flakkert overal weer op en zorgt ervoor dat we alert en voorzichtig moeten blijven. Doordat er nu wat meer kennis is en er over voldoende beschermingsmateriaal wordt beschikt, probeert men vooral om de zorg en ondersteuning maximaal op peil te houden.

Lokale besturen bezitten draaiboeken waarin staat beschreven hoe om te gaan met lokale uitbraken van het virus. Er wordt daarbij uit gegaan van de volgende situaties:

  • Situatie 0: Er zijn in de samenleving geen COVID-19-besmettingen meer. Alles is volledig veilig en er dienen geen bijzondere maatregelen genomen te worden.
  • Situatie 1: Het aantal nieuwe COVID-19-besmettingen is relatief laag of zelfs 0, maar doordat er elders (buiten de eigen stad of gemeente) nog regelmatig infectiehaarden opduiken, blijft waakzaamheid geboden.
  • Situatie 2: Het aantal besmettingen in de gemeente of wijk is alarmerend. Van de volgende drie aanwijzingen zijn er twee van toepassing: 1. Vijf opeenvolgende dagen is het opgetelde aantal nieuwe bevestigde besmettingen over de laatste zeven dagen in een stad of gemeente gelijk aan, of hoger dan, 20 per 100.000 inwoners. 2. Er zijn minstens vijf dagen op rij nieuwe besmettingen vastgesteld. 3. Er is sprake van een stijgend aantal nieuwe gevallen gedurende vier van de zeven voorbije dagen.
  • Situatie 3: Er zijn talrijke uitbraken, niet meer beperkt tot bepaalde lokaliteiten. Er wordt teruggegrepen naar algemene federale maatregelen.

Update 3/11/2020: Momenteel bevinden we ons in situatie 3 en is er sprake van een tweede lockdown. De dienstverlening gaat zoveel mogelijk door, maar daarbij moet er sprake zijn van hygiënische maatregelen en voldoende ruimte om afstand te kunnen bewaren. Het zal dan mogelijk anders georganiseerd worden. Wanneer dit niet mogelijk is, zal overgeschakeld worden naar dienstverlening op afstand.

Dienstverleners en zorgaanbieders houden rekening met de persoon met een handicap bij het uitwerken van hun aanbod. Ze contacteren de persoon hierover en als het aanbod wijzigt, stellen ze de vraag of er nood is aan een alternatief aanbod. Het aanbod van de zorgaanbieder kan alleen beperkt worden als er overleg is geweest met het collectief overlegorgaan (de gebruikersraad).

Een houder van een persoonsvolgend budget of persoonlijke-assistentiebudget kan een vergoeding krijgen voor extra gemaakte kosten gedurende de coronaperiode. Als blijkt dat het normale budget niet genoeg is, mag het jaarbudget (PAB of PVB) overschreden worden met 25,5%. De einddatum voor deze periode is 31 december 2020.

Meer informatie van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) vind je in deze infonota.